
27.05.2009 - De Friesland Zorgverzekeraar weigert in 2009 een contract af te sluiten met Hans Anders en Van Boxtel Hoorwinkels voor levering van hoorhulpmiddelen. In een kort geding heeft de rechtbank in Leeuwarden op 22 april 2009 de verzekeraar in het gelijk gesteld.
Geen StAr-certificaat
De Friesland wil geen contract voor hoorhulpmiddelen sluiten met Hans Anders en Van Boxtel Hoorwinkels omdat zij niet beschikken over een certificaat van de Stichting Audicienregister (StAr). Volgens Hans Anders en Van Boxtel Hoorwinkels is dit een onredelijke eis. Deze zou niet stroken met de eisen die De Friesland Zorgverzekeraar via haar polisvoorwaarden aan zorgaanbieders stelt. De voorzieningenrechter achtte het handelen van de Friesland Zorgverzekeraar echter niet onrechtmatig. De rechter heeft de vorderingen dan ook afgewezen.
Gevolgen voor vergoeding hoorhulpmiddelen
Voor slechthorenden die verzekerd zijn bij De Friesland Zorgverzekeraar en hoortoestellen of aanverwante hulpmiddelen kopen bij Hans Anders of Van Boxtel Hoorwinkels, betekent dit het volgende. Zij krijgen in dat geval zo’n 20% minder vergoed dan wanneer zij dezelfde producten zouden kopen bij zorgaanbieders die wel een contract met De Friesland Zorgverzekeraar hebben. Om in aanmerking te komen voor vergoeding moeten zij bovendien vooraf toestemming te vragen aan De Friesland Zorgverzekeraar. Anders krijgen zij hoorhulpmiddelen die gekocht zijn bij niet-gecontracteerde zorgaanbieders als Hans Anders en Van Boxtel Hoorwinkels helemaal niet vergoed.
Handelswijze overige verzekeraars
Overigens stellen ook UVIT-verzekeraars het StAr-keurmerk als voorwaarde. Zij hebben een aanvullende overeenkomst gesloten met Hoorprofs. Dit zou bepaalde voordelen bieden voor hun slechthorende verzekerden. UVIT heeft echter niet bepaald dat Hoorprofs de enig mogelijke leverancier is.
Zorgverzekeraar Achmea heeft een voorkeurscontract afgesloten met Beter Horen.
Belangenbehartiger NVVS
De NVVS heeft er bij verzekeraars voor gepleit om te kiezen voor kwaliteit en dus voor het StAr-keurmerk ‘De Audicien’, zónder de keuzevrijheid van de cliënt te beperken door te kiezen voor één specifieke leverancier. De NVVS stelt, in aansluiting op de veldnorm ‘Verstrekking Hoorhulpmiddelen’, dat slechthorenden die een hoortoestel willen aanschaffen recht hebben op:
•goede en objectieve voorlichting;
•keuze uit meerdere merken en modellen;
•volledige informatie over kosten en vergoedingen;
•vrijblijvende proef van minimaal 8 weken;
•een second opinion van een andere audicien, kno-arts of audioloog.
Ook verzekeraars hebben baat bij goede hoorhulpmiddelen voor hun verzekerden, meent de NVVS. Een goed en goed afgesteld hoorhulpmiddel kan immers het verschil betekenen tussen volop participeren in de maatschappij, of steeds verder in een isolement geraken met alle (gezondheids)gevolgen en dus -kosten van dien.
Keuzevrijheid voor slechthorenden
De belangenvereniging NVVS is géén voorstander van exclusieve contracten tussen verzekeraars en één bepaalde keten. Dergelijke contracten beperken de keuzevrijheid van slechthorenden. Onderzoek van de Consumentenbond in opdracht van de NVVS toont aan dat het juist loont om het aanbod van verschillende audiciens tegen elkaar af te wegen. Daarom pleit de NVVS voor kwaliteit met behoud van keuzevrijheid via het StAr-keurmerk ‘De Audicien’.
Bron: Rechtbank Leeuwarden / NVVS